zondag 3 maart 2019

Carnaval

Het zal niet algemeen bekend zijn, maar ik ben van beneden de rivieren.
Een zuiderling geboren en getogen in de streken waar de GEE zalfzacht gezongen over de tong rolt.
Ik hou dan ook, net als mijn mede zuiderlingen van een feestje.
Een nieuwe broodrooster gekocht?.
Je zult me moeten tegenhouden niet met vers geroosterde boterhammen hangend aan de oren een polonaise te beginnen.
Het is niet iets dat ik tegen kan houden.
Het is mijn Brabantse bloed.
Als baby reeds was ik bij elke Carnaval optocht aanwezig.
Verkleed in een traditionele boeren kiel werd ik op de dichtstbijzijnde praalwagen gehesen.
Waarna mijn moeder het plaatselijke cafe in dook.
Aan het einde van de optocht werd ik er weer afgehaald en in een baby draagzak verder van feestje naar feestje vervoerd.
Dat was nog een hele prestatie, want ik woog reeds 8 pond bij geboorte.


In de vierde klas (groep 6) werd ik voor het carnavals feest verkleed als piraat.
In mijn vuist hield ik een bedrieglijk echte haak, en met arm ingetrokken en de mouw over de hand gemoffeld leek het net een echte prothese.
Een snor en baard werd met de as van een verbrande wijnkurk onder neus en kin getekend.
En een zwart lapje ging voor het oog.
Mijn moeder weigerde ondanks mijn aanhoudend gezeur een levende papegaai aan te schaffen voor op mijn schouder.
Er waren wel nog wat vogeltjes van de kerstboom over dus het werd een witte kanarie die op mijn schouder werd geprikt.

De ranja vloeide rijkelijk op het carnavalsfeestje.
Blijvend in mijn rol viel het niet mee met een haak de beker aanmaaklimonade naar de mond te brengen.
Dus ik bleef dorstig.


Gertje van Gompels ouders hadden een dierenwinkel.
Een groene ara zat pindanootjes te eten op zijn schouder.
Ook hij had besloten als piraat te komen.
Voor het feestje had zijn moeder een been afgezet.
Het was nog wat pijnlijk maar dat verhoogde het effect van het houten been alleen maar.
Een als Pipi Langkous verklede Kitty Oskam voerde zijn papegaai.
Ik was al vanaf de eerste klas verliefd op haar, en stinkend jaloers.
Dat moest dus de volgende carnaval beter.


In de vijfde klas maakte vierentwintig afgewikkelde rollen toiletpapier van mij een mummie.
Een enorm succes op het carnavalsfeest.
Al is het handiger niet door de regen reeds verkleed naar het feest op school te lopen.
Beter is het ter plaatse het kostuum aan te trekken.
Zowel op school als thuis waren de weken daarna ter kuising kranten op het toilet aanwezig.


De jaren opvolgend werden de carnavals feestjes in wisselende kostuums doorgebracht.
De meest memorabele was dat ik verkleed als vrouw een pittige lesbienne aan de haak wist te slaan.
De affaire duurde 4 dagen.


Inmiddels woon ik reeds meer dan de helft van mijn leven boven de rivieren.
Hier begrijpt men Carnaval niet.
Het bestaat nauwelijks.


De rood gelakte pumps waren te klein zodat de hiel erbuiten stak.
Enige overredingskracht was nodig te verklaren waarom mijn vrouw mij daarin deze week aantrof.
Hoewel het pliche rokje en beha nog de meeste uitleg behoefde.
Heimwee naar carnaval.
Al moet ik zeggen dat het rokje mij beeldig stond.