maandag 21 juli 2014

Met zonder jas.

Vanochtend met zonder jas op de fiets,
Helemaal alleen door de polder.

In velden of wegen (maar voornamelijk weilanden) geen fietser te zien.
De vakanties zijn hier begonnen.
 

Even een fris windje door de fris geodorexte oksels op weg naar het werk.
En daar in één van de zwaarste crisissen van dit jaar terecht gekomen.
Het koffieapparaat is stuk.


Begon het rond een uur of drie ook nog eens te plenzen.
En ik was vandaag met zonder jas.
Het plenzen ging over in gieten met variaties van stromende regens naar pijpenstelen.
Als praktisch mens dan maar met schoenen maar met zonder kleren op de fiets naar huis.
Waarbij op de terugweg door de polder een hoop minder mensen op vakantie bleken te zijn.
Veel gegiechel, maar is ook logisch.
Is tenslotte ook een raar gezicht, twee van die doorweekte bemodderde schoenen.


Gelijk thuis uitgedaan en te drogen gezet.

Morgen 28 graden. Toch maar weer met zonder jas proberen.

zondag 20 juli 2014

Amulinium

Kijk je moet dus Goji bessen eten.
Harstikke gezond.
En dan samen met Spelt, Spirulina en Chiazaad elke dag
Man je wordt honderdtien.
Maar wel natuurlijk niet bij volle maan.
Vanwege de aardstralen, zie je.
Of onder een hoogspanningsmast.
Vanwege de electra spanningen en stralen.
Eigenlijk is het beter alle stroom te vermijden met Goji bessen.
Wegblijven bij stopcontacten, en je mobieltje in amuliniumfolie.
Kunnen ze niet tegen die aardstroomstralen, tegen amuliniumfolie.
Probeer maar eens te bellen met je telefoon in amuliniumfolie.
Gaat niet!.
Nou dan.
Goed spul dat amulinium.
Ook voor s'nachts voor onder het bed.
Man, geen aardstraal die daar doorheen komt.
Of gevouwen als een hoedje, voor op het hoofd.
Wel alleen binnenshuis opdoen, anders denken ze dat je gek bent.
Maar gegarandeerd.
Stopt al je stemmen in je hoofd.
Zo'n amulinium hoedje.
En ze kunnen je ook niet bereiken via vullingen in je kiezen.
Via radio of andere stralen.
Nee ik zweer derbij.
Amulinium en Goji bessen.


Reed ik op de snelweg.
Met een zonnebril om anoniem te blijven.
Mensen kijken je toch raar aan met een alluminium hoedje op.
Zie ik een groot bord langs de weg over vakantie in Brazilië.
En thuisgekomen krijg ik een mailtje van Guanita.
Uit datzelfde Brazilië.
Op zoek naar "betrouwbare man voor relatie die helpen mij vinden vriendschap".
En nu blijkt de Goji bes ook in Brazilië te groeien.
Het snelst groeiende land voor winning van Amulinium.
Gelijk gebeld naar de horroscoop-lijn.
Die zag een vrouw in het buitenlandse voor me.
Begint de naam met een H vroeg ze?.
En nou dat is maar één letter verwijderd van de G van Guanita.
Eigenlijk is het Huanita want ze spreken de G als H uit daar.
Dus dat klopte als een zwerende vinger.
Eng gewoon hoe dat klopt.
Zie je, en dat zijn nou de voortekenen.
Dat het voorbestemd is dat ik naar Brazilie ga.
 

Heb gelijk geboekt.
En gemaild naar Guanita.
Dat ik kom voor het helpen van vriendschap in relatie.
Ze heeft er geen electra schreef ze op de computer, en dus ook geen hoogspanningskabels.
En of ik dan vast wat geld wilde sturen, dat ze vast het hele huis met amulinium kon beplakken. Een paar duizend dollar was al genoeg.
Want amulinium is daar heel duur in Brazilie.
Heb het gelijk gestuurd en de koffer gepakt.
Extra speldbrood in de handbagage.

Maar voor de zekerheid, doe ik een amulinium keppeltje onder mijn pet daar straks.
Tegen de straling.
Want je weet maar nooit.

zaterdag 12 juli 2014

Dienstplicht (slot)

Elke ochtend in het militair hospitaal begon de dag met het temperaturen van de patiënten.
Ingevette thermometers die old school diende te worden afgelezen.
Dan pijnlijk rechtop zitten met bord op schoot voor het ontbijt.
Camouflage marmelade met groen gekookte eieren en een sneetje bruin brood.
Wit brood zou teveel opvallen in het veld.
Daarnaast heeft het een stoppende werking welke het temperaturen weer behinderd.

Dan de ochtend ronde van de artsen.
"Zo soldaat. Dat valt toch alleszins niet helemaal tegen.
Vooruit, Robert Redford zal het wel nooit worden.
Maar voor wonderen hebben we beneden de Kapel.
Een kaarsje kost twee kwartjes, maar..., ik zou als ik jou was een doosje kopen."
Waarna een zaklantaarn lampje weer in een neusgat scheen.
"Wat mij betreft voorlopig even nergens insteken, en vanaf morgen weer greppeltjes graven.
Haha
Next."

Die ochtend schreef ze haar nummer op een inderhaast afgescheurd stukje papier.
Elegante letters die danste tussen rode lijntjes.
Mijn verpleegster.
Ik mocht er nog eens bellen.
Voor iets leuks te doen samen.

De kazerne had ik alleen voor mezelf.
Iedereen zat in Duitsland en ik kon s' ochtends onder twaalf douches doorlopen.
Of in mijn eentje op appèl staan.
Dan in de avonduren met het briefje in mijn hand.
Bij elk glas bier snel de hoorn er weer op.
En pas na vier glazen de moed om niet neer te leggen.

De volgende avond een lift naar Utrecht.
Achterin een munitie truck.
Met alleen een stop voor een bosje rozen.

Daarna liefst elke week. Als mijn rooster of dat van haar het toeliet.
Mijn teruggekeerde dienstmakers vonden het wel leuk.
En ik had bijna wekelijks wel een lift.

Onder de tweede grote Duitslandoefening kwam ik niet uit.
Ik tikte nog steeds op de kazerne de orders.
En om één of andere reden.
Kwam ik terecht voor de diensten achter de bar.
Al had ik vier weken daarvoor medisch advies gevraagd over het rechtzetten van de rechter voet.

dinsdag 8 juli 2014

Dienstplicht - 4

(Dienstplicht deel 4)
Op de dag dat de rest van de kazerne op weg ging naar Duitsland melde ik me aan de poort van het militair hospitaal in Utrecht.
Ik kreeg een kaki schort met open achterkant aangemeten waarin de halve manen bij weglopen duidelijk zichtbaar waren.
Ongetwijfeld, een feest voor de ogen.
Er was ook een bed voor me gereserveerd waarin ik onmiddellijk plaats diende te nemen.
Een uurtje later werd ik opgehaald en naar een kamertje gebracht waar mijn bloeddruk werd gemeten en verschillende vloeistoffen werden afgenomen.
Bloed in een glazen buisje en urine in een groen camouflage potje.
Het was tenslotte een Militair hospitaal.

Met een zaklamp werd ook nog even in beider neusgaten geschenen waarna ik een bemoedigend schouderklopje kreeg.
Komt goed jongen, komt goed.

De operatie zou de volgende dag al plaatsvinden.
Ik werd erheen gereden op een tafel. En in de operatiekamer kreeg ik een kapje op mijn gezicht.
Wil je van 1 tot 100 tellen vroeg de narcotiseur.
Ik kwam tot zeven.

De volgende gebeurtenissen zijn me medegedeeld.
De operatie was geslaagd. Mijn neus was opnieuw gebroken, rechtgezet en vakkundig verbonden. Op weg naar de herstel kamer echter kwam ik iets te vroeg uit de narcose.
In een adrenaline rush rukte ik het verband van mijn gezicht en mepte de te hulp geschoten arts met een rechtse directe tegen de grond.
Acht armen drukte me weer op de tafel. En een haastig spuitje bracht me weer onder zeil.
Provisorisch werd met pleistertape en verband mijn gezicht weer verbonden.

Ik werd hevig misselijk wakker.
Er zat iets van pleister en verband op mijn ogen waardoor ik niets kon zien. En uit mijn neusgaten kwam een slangetje die een fluitend geluid maakte bij uitademen.
Ik probeerde er een melodietje mee te snuiven maar was te misselijk.
Ik begon heftig over te geven en iemand duwde een schaal of emmer in mijn handen.
Een kwartier lang vulde ik deze met mijn maaginhoud.
Gaat het een beetje? Hoorde ik een meisjesstem tussen het overgeven zeggen.
Uitstekend hoorde ik me zelf zeggen, en met jou?
Niet wetende de eerste woorden gewisseld te hebben met mijn toekomstig echtgenote.

De misselijkheid duurde een dag.
De pleisters werden bij mijn ogen weggeknipt en de dagen daarop veranderde het zachtrood rond mijn neus en ogen in karmijnrood, blauwviolet, donkerpaars met ultramarijn neigend naar kobaltblauw.
Er zat een vijftien centimeter lange pleister over mijn neusbrug,
En daarnaast slingerde er uit elk neusgat een drie centimeter lange flexibele drainage slang waaruit van tijd tot tijd ondoorzichtige vloeistof druppelde.
Je begrijpt het vrouwelijke personeel was niet bij me weg te slaan.
En het avondmaal werd met lange armen aan mijn voeteinde neergezet waarna men zich uit de voeten maakte.
Het zou weleens besmettelijk kunnen zijn.

De zesde dag werd met een ruk de drainage uit mijn neus verwijderd.
Een klein deel van de rechterhersenhelft kwam daarmee naar buiten. Tenminste zo voelde het.
En een witgejaste luitenant scheen met een camouflage zaklampje in beider neusgaten.
Een bemoedigend schouderklopje volgde.
En toch komt het goed jongen. Waarschijnlijk... denk ik....
Vast wel...

maandag 7 juli 2014

Dienstplicht - 3

( Dienstplicht deel 3 )
Op de lagere school werd tijdens het speelkwartier mijn volle vaart gestopt door een Japans kinderhoofd.
Het Aziatische jongetje speelde onverstoorbaar verder maar mijn neus spoot bloed en was gebroken.
Gelukkig kwam juffrouw van Boeschoten toegeschoten met een propje wc papier en een pleister zodat ik snel weer verder spelen kon.
De jaren daarna groeide de breuk dicht tot een knobbel en stond het geheel wat scheef.
Ik vond het wel een soort van Bep van Klaveren en Mohamed Ali stoer.
En het kwam me later goed van pas.

Op de kazerne kwam de grote Duitsland oefening steeds dichterbij.
Ooit mijn moeder gek gezeurd om een typecursus te mogen doen kwam het behaalde typediploma me inmiddels goed van pas.
Het was me toen te doen om de prachtige typemachine.
Op elke toets een vrolijk gekleurd stickertje, en je kon er zelf brieven en verhalen mee typen.
Of zo'n FBI pasje mee maken, zoals op tv.
De bijbehorende lessen waren verschrikkelijk en toen ik na de tweede les wilde opgeven werd ik er aan mijn oren naar toe gesleept.
We hadden vrij simpele regels thuis. Je maakt af wat je begint. Desnoods onder dwang.

Hoe dan ook, toen er tijdens het appél gevraagd werd naar een type-vaardige soldaat, stak ik onmiddellijk mijn hand op.
Sindsdien tikte ik op kantoor bij de kapitein in 120 slagen per minuut de orders uit.
Ik wist daarom als eerste van de grote Duitsland oefening die eraan zat te komen.
En hoewel ervaren in het weglaten van mijn naam op de lijsten van veld en loopoefeningen, verwachte ik Duitsland niet te kunnen mijden.
Tenzij...

Een soldaat hoort natuurlijk fit te zijn en gezond van lijf en leden.
Een jaarlijks onderzoek op de Geneeskundige Dienst controleerde de gesteldheid van een ieder.
Meestal was het niet meer dan drie kniebuigingen een keer hoesten en een langgerekte AAAAAAAAAAAA met een stokje op je tong.
Maar dit keer beklaagde ik me over de stand van mijn neus.
Een lampje werd erbij gehaald en in een neusgat geschenen.
Oei hoorde ik zeggen. Dat kunnen we verhelpen. Man... dat moet je echt laten verhelpen.
Alle Jezus daar moet je echt wat aan laten doen.
Wauw, tering nou, echt… man.  Doe er wat aan.
Als je wilt, vier weken en dan lig je in het Militair hospitaal.
Ik moest er even over denken.

En precies vier weken voor de Duitsland oefening was ik eruit.
We moesten het maar doen...
Over vier weken zei u toch...

zondag 6 juli 2014

Dienstplicht - 2

(Dienstplicht deel 2)

Iedere ochtend was er kamerinspectie op de kazerne.
Stel je eens voor. De vijand heeft parachutisten gedropt.
Tanks staan aan de rand van Paleis Soestdijk.
En jij.., jij hebt geen gepoetste schoenen.
Onbestaanbaar, onacceptabel.
Dus werd elke ochtend de glans van de schoenen gecontroleerd.
De hoogte van de baardstoppels.
En de glans van de messing koppel, toen nog nodig om de dienstbroek op te houden.

Geoefend werd in de vrije natuur. Volgens de Duitse freier körper cultuur.
Wat zoveel betekend als. Plaats een tent. Graaf een greppel om de tent heen om overdadig regenwater te weren.
Graaf een kuil ter bescherming van lijf en leden.
Graaf een kuil voor het achterlaten van door het lichaam verteerde voeding.
Graaf een kuil, want er zijn nooit genoeg kuilen. (Nog jaarlijks als Duitse traditie op Noordzee stranden te bewonderen.)
Ga vervolgens in een kuil naar keuze wachten op de vijand.

Om van kuil naar kuil te bewegen gebuikte men de tijger techniek.
Plat op de buik met geweer vooruit beweegt men spartelbewegingen makend zich van kuil naar kuil.
Probeer hierbij het uiterlijk zoveel mogelijk in de natuur op te laten gaan.
En probeer de wellicht gewapende soldaat in de naderende kuil luidruchtig te benaderen.
Hoewel gewapend met losse flodders maakt zo'n geweer in zenuwachtige handen een hoop herrie.
Daarbij heb ik mijn oordopjes de eerste dag op de kazerne moeten nuttigen.

De nacht breng je als soldaat bij voorkeur door in een tweepersoons tent.
Een pub genoemd, met geen enkele referentie naar een warm behagelijke Engelse kroeg.
In het bos, dat men veld noemde, werd je dan weer om zes uur s 'ochtends gewekt, om een kuil te gaan graven.
Met gepoetste schoenen, gladgeschoren kin en glanzende koppelriem.
Bij een invasie later dat jaar zijn vierhonderd Russische  soldatenman verongelukt in een serie ogenschijnlijk willekeurig gegraven gaten.
Het was het grootste succes van de Nederlandse landmacht na 1945.

Dienstplicht - 1



(Voor mijn nieuwsgierige kinderen - 1)



Met een S5 kon je eronder uitkomen.

De dienstplicht.

Ik had geen broers die mijn plaats in konden nemen.

Maar het scheen zo te zijn, dat als je bij de medische keuring om de twee minuten in huilen uitbarstte en om je moeder vroeg.

Of avances maakte naar de sergeant majoor.

Je hoogstwaarschijnlijk met een medisch kenmerk van S5 ontslagen werd van al je dienstplichten.



Mijn strategie had geen rekening gehouden met vrouwelijk legerpersoneel.

De sergeant majoor was een net afgestudeerde frisse blondine die de hele dag avances afwimpelde als lastig stekende vliegen.

Plan B, het voortdurend veinzen van een huilbui, daarbij jammerend vragen naar mijn moeder zorgde ervoor dat ik bij de Genie werd ingedeeld.

Munitie ruimen, bruggen sjouwen en jerrycans vullen. Dat zou wel een echte kerel van me maken.

Een groene zakdoek werd me aangereikt om mijn tranen te drogen.



Het werd de Harskamp.

Ik was 21 jaar oud en twaalf treinhaltes en honderd en vier kilometer van mijn ouderlijk huis verwijderd.

Dat betekende alleen in de weekenden naar huis.



In een lange rij van bleke jongens werd de plunjebaal uitgereikt.

Een enkeling verzwolg als een gat in de grond onder het gewicht van de handig manshoge draagzak. Maar ik werkte al een paar jaar in de tropische kassen van Oirschot.

Er stond eelt op mijn handen dus ik kon nog zeker een kleine vijfentwintig meter lopen voordat ik onder het gewicht bezweek.

In de plunjebaal, kleding en gereedschap in groen bruin of kaki voor het voeren van oorlog in zomer en wintertijd.

Alleen twee oordopjes kwamen in een fel rood doosje mee.

Ik was er van overtuigd dat deze bedoeld waren om met onmiddellijke ingang te gebruiken.

Want steeds als iets niet volgens plan verliep schreeuwde een in groen geklede sergeant rood-doorlopen iets in mijn oor.

Mijn vriendelijke "wat zegt u" terwijl ik een zojuist geplaatst oordopje ont-plopte overtuigde me nog meer van de noodzaak.

Mijn oordopjes veranderen niet alleen het rood doorlopen geschreeuw van de sergeant in een vriendelijk mompelend gemurmel.

Het sloot ook nog eens de gehoorschelp volledig af voor het rondvliegend speeksel.
Wat prettig was de gehele weg slepend naar ons onderkomen in de barakken van de kazerne.

Mijn diensttijd was begonnen.